bert bultinck

  • Pin it!

    Cijfers & Letters


    screenshot_61


    Voilà, men krijgt dan toch de letter die men verdient.

    Op Facebook intussen, is er over de ontslagen bij De Morgen veel meer te doen dan elders op het net. Er zijn verschillende groepen opgericht ter ondersteuning van de gezichtsbepalende mensen die nu aan de dijk zijn gezet — al ontbreekt tot nu toe een groep voor Bert Bultinck, de chef Opinie die de opiniepagina's van een brievenrubriek tot het kloppend hart van de krant wist te maken, niet in de laatste plaats door zijn strategie om vaste columnisten te vragen elke twee weken een stuk te leveren (die hebben dan weer voor een maand hun medewerking aan de krant opgezegd — zie hieronder). En ook omdat hij het bijvoorbeeld waagde Bart De Wever aan het woord te laten, een begenadigd columnist, zo bleek, met een scherpe pen, met 'natuurlijk' een totaal 'verkeerde' opvatting, maar meermalen in staat om toch op zijn minst tegen een paar heilige huisjes van traditioneel links (en daarmee van de traditionele Morgen-lezer) aan te trappen op een dusdanige manier dat men nog eens over zijn eigen clichés ging nadenken. De rubriek nam ook interessante stukken uit het buitenland over. Op die manier leek het meermalen alsof het werkelijke redactionele beleid daar vorm kreeg, meer dan in het redactionele commentaar op pagina 2. Zo bezien was Bultinck één van de redacteuren voor wie ik de krant bleef lezen. Ik denk dat dat voor meer mensen geldt, zonder dat ze nu direct wisten dat het Bultinck was die hier voor een groot deel bepalend was.

    017_15B


    Ook op Facebook een ontluisterende inzage in de financiën van De Morgen. De informatie komt van Jan Haerynck. Het is me niet helemaal duidelijk waar hij het vandaan heeft (wie zijn die 'we' die hier het woord nemen, er wordt ook gerefereerd aan iets op 3 maart), maar ik neem het hier over zoals het er bij Haerynck staat (ik neem aan dat hij het niet erg vindt):

    Wat is het verhaal? (ik voeg hierbij de meest cruciale slides)

    DM was een eigen entiteit tot en met 2006, helemaal in eigen beheer inzake marketing en merchandising edm. Elke eurocent omdraaien en voorzichtig omspringen met salarissen was het motto. Vanaf 2007 is DM opgegaan in DPP en hebben we zes managers gekregen van DPP die over ons waakten, ipv één directeur.Welnu dit zijn onze conclusies (op basis van de cijfers van DPP):

    - De krantengerelateerde kosten (productie, marketing, merchandising, salarissen personeel, edm...) zijn tussen 2004 en 2005 en 2005 en 2006 normaal gestegen met 3 tot 3,5 %. Tussen 2006 en 2007 (eerste jaar DPP en een nieuwe — omstreden — hoofdredacteur) zijn die gestegen met 29% en het jaar daar na (2008) met nog eens 4,5% (totaal over twee jaar +34%). Men heeft die situatie pas erkend in september 2008 en toen is men vreselijk op de rem gaan staan. Het kwaad was geschied: op een omzet van 30 miljoen euro hebben we 6,5 miljoen meer kosten gemaakt in twee jaar tijd.

    - We hebben in 2008 500.000 euro verlies gedraaid. Maar in de jaren tussen 2003 en 2008 hebben we wel 11,5 miljoen euro winst gemaakt.

    - De loonkost per hoofd op de redactie is in twee jaar met een kwart gestegen, van 70.000 euro tot 87.000 euro: nieuwe dure aanwervingen en een bonussysteem (januari 2008 is 250.000 euro aan bonussen uitgedeeld aan bevriende redacteurs, w.o. Desmet etc...) en gigantische onkostenvergoedingen. Klaus
    [Van Isacker] zelf verdient in zijn vennootschap 21.000 euro per maand zonder kostenvergoeding en die kosten zijn gigantisch (elke dag uit eten).

    De merchandisingkost (cd's, boeken edm.) is in twee jaar gestegen tijd met 113%. We hebben in 2008 zeven acties gedaan die minder opbrachten dan één actie in 2003. Merchandising staat onder druk, maar dit zijn rampzalige acties geweest, ons opgelegd vanuit Kobbegem (terwijl we dat vroeger in huis deden).

    - We (ZE) hebben onze krantenverkoop kunstmatig in de hoogte gejaagd, om de omstreden hoofdredactie Klaus Van Isacker en Bart Van Doorne met goeie cijfers te ondersteunen. Na negen maanden 2008 hadden we op dagbasis 2000 kranten meer in de bussen, maar die kostten ons aan marketingacties (abonnementenwerving) 0,7 euro per krant per dag (dat is gratis weggeven). Ik kan zo nog wel even doorgaan. Er is een abo-werving geweest waarbij we per krant 8 euro toelegden. (Die is gelukkig snel afgevoerd).

    Conclusie: het opgaan in DPP en het absoluut willen opkrikken van de verkoopcijfers heeft heel onze kostenstructuur overhoop gehaald en dat moet het personeel nu betalen met 26 ontslagen (later 15) op 91. WIj vrezen dat ze dit met opzet hebben gedaan om DM zo te dwingen afscheid te nemen van de moeilijke karakters en de krant in een andere richting te kunnen duwen.

    Deze conclusies zijn afgelopen dinsdag voorgesteld op een bijzondere OR. De directie reageert op dinsdag 3 maart. We hebben ook een plan voorgesteld om 3 miljoen aan te zuiveren. Een deel zijn bezuinigingen die de directie had voorgesteld en een deel (1,8 miljoen euro) is het duurder maken van de krant. Iets wat is nagelaten de laatste twee jaar terwijl onze concurrent in het kwaliteitssegment (DS) dat wel heeft gedaan.


    Er is vast wel een manager die me nu gaat uitleggen dat deze voorstelling van zaken (en de nauwelijks impliciet te noemen kritiek daarop) geen rekening houdt met factor zus en factor zo en dat er dit en dat er dat. Het is me in kringen van mensen die winst tot hoofddoel van hun bestaan hebben gemaakt wel vaker opgevallen dat het kapotmaken van goed renderende bedrijven tot de geplogenheden van het vak behoort. En dat een bedrijf dat dit jaar minder winst maakt dan het jaar daarvoor eigenlijk verlies heeft gemaakt. Ik begrijp daar niets van. Ik houd te veel van het woordenboek om 'winst' te lezen als 'eigenlijk verlies'. En dan: als het om een krant gaat begrijp ik het al helemaal niet.

    Laat ik het anders zeggen: ik begrijp het gezien de vooronderstellingen van de huidige samenleving allemaal heel erg goed; ik ben niet blind voor de realiteit zoals ze op dit moment wordt voorgesteld. Ik geloof alleen niet dat ze de enige is die mogelijk is, laat staan: de beste aller mogelijke werelden. In dat opzicht behoor ik eerder tot de Voltaires van de wereld — waarmee ik alleen maar bedoel dat het hoog tijd wordt voor een nieuwe Candide die de zelfverblinding van de westerse wereld nog eens duchtig op de korrel neemt. Eigenlijk is dat een appel op de politiek — maar op de 'Doe de stemtest'-site, die mensen zogenaamd een goed inzicht zou geven in hun eigen politieke voorkeuren, is de PvdA+ niet eens vertegenwoordigd; Vlaams Belang wel. Niet dat ik op de PvdA+ zou willen stemmen, maar wie een stemtest organiseert voor zwevende kiezers moet een dergelijke partij wel opnemen, lijkt me toch. Links van Groen! stemmen behoort blijkbaar niet tot de mogelijkheden, en voor zover zelfs Groen! nog grotendeels meestapt in de liberale logica (op straffe van 'onrealistisch' genoemd te worden) wordt dus de mogelijkheid om voor een andere (voor een op andere dan de huidige ideologische vooronderstelingen gebaseerde) werkelijkheid te kiezen al op voorhand uitgesloten.

    Of de staking van de 'de scherpe pennen' iets uithaalt inzake De Morgen valt dan ook te betwijfelen, maar ik signaleerde al eerder: in kwesties als deze is iedereen veroordeeld tot symbolische daden. De Van Thillo's van deze wereld hoeven aan niemand verantwoording af te leggen, en zijn dat ook niet van zins te doen.

    Columnisten De Morgen schorten medewerking massaal op
    Een groep van 28 columnisten, vaste opiniemakers en losse medewerkers van De Morgen hebben besloten om een maand lang geen bijdragen te leveren aan de krant. Ze doen dit uit protest tegen de recente ontslaggolf die "een aantal van de beste pennen en meest kritische stemmen in de Vlaamse journalistiek" trof.

    Zaterdag besloot de Persgroep om 13 medewerkers van de krant te ontslaan. Tot hen behoren sportjournalist Hans Vandeweghe, 'stukjesschrijver' Bernard Dewulf, fotograaf Filip Claus en opinie-redacteur Bert Bultinck.

    "Wij vinden het volstrekt onaanvaardbaar dat een krant die zich altijd op zijn onafhankelijkheid en tegendraadsheid beroept, de meest onafhankelijke geesten de laan uitstuurt," aldus de ondertekenaars.

    De lijst omvat prominente figuren uit de culturele sector en de wetenschappelijke wereld. Tenzij de directie de onderhandelingen heropent, heeft hun protest belangrijke gevolgen voor de krant. Sportcolumnist Filip Joos zal niet schrijven over de testmatchen die de Belgische competitie moeten beslissen. Politiek commentator Carl Devos zal niet schrijven over de Vlaamse en Europese verkiezingen van 7 juni. Dimitri Verhulst, onlangs nog bekroond met de Librisprijs, zal niet terugblikken op de filmpremière in Cannes van "De helaasheid der dingen". Paul De Grauwe zal niet meer schrijven over de gevolgen van de economische crisis. Marc Didden schort zijn veelgelezen column met een maand op.

    De titel van hun actie heet "De Beste Pennen schreven voor De Morgen", waarmee ze verwijzen naar een eerdere reclameslogan van de krant.

    De Persgroep hoopte maandagavond dat na de staking van vandaag opnieuw weer gewoon kranten kunnen worden gemaakt. Dat zal dan alvast zonder deze groep van meer dan twintig Beste Pennen zijn waarmee de krant graag adverteert.

    De volledige tekst:

    De Beste Pennen schreven voor De Morgen

    Op zaterdag 16 mei ontsloeg de Persgroep, het moederbedrijf van De Morgen, Het Laatste Nieuws en VTM, dertien werknemers van De Morgen. Onder hen een aantal van de beste pennen en meest kritische stemmen in de Vlaamse journalistiek. Zij die het protest tegen de geplande herstructurering mee vormgaven, werden mee aan de deur gezet; mensen die het beste van zichzelf hebben gegeven om de maandenlange onderhandelingen tot een aanvaardbare cao te leiden verloren hun baan.

    Wij vinden het volstrekt onaanvaardbaar dat een krant die zich altijd op zijn onafhankelijkheid en tegendraadsheid beroept, de meest onafhankelijke geesten de laan uitstuurt. Een open geest beleefde toch meer? Uit protest zeggen wij een maand lang onze medewerking aan de krant op. In die periode verwachten wij dat de directie de onderhandelingen heropent.

    Ondertekend:
    Benno Barnard, Geert Buelens, Manu Claeys, Rik Coolsaet, Paul De Grauwe, Wouter Deprez, Carl Devos, Marc Didden, Nadia Fadil, Guido Fonteyn, Jos Geysels, Jan Goossens, Paul Goossens, Marc Hooghe, Paul Huybrechts, Luc Huyse, Filip Joos, Bart Kerremans, Jeroen Olyslaegers, Marc Reugebrink, Rik Torfs, Luckas Vander Taelen, Philippe Van Parijs, David Van Reybrouck, Dimitri Verhulst, Etienne Vermeersch, Hendrik Vos, Walter Zinzen.

    screenshot_62

  • Pin it!

    Presentatie nY


    nY-01


    Gisterenavond in de Domzaal van De Vooruit in Gent ('ik wil hier alleen binnen als ze ook een Slimzaal hebben', mompelde Pol Hoste) werd het eerste nummer van het nieuwe (fusie-)tijdschrift nY boven het doopvont gehouden. Ik had een halve middag doorgebracht op mijn tamelijk ontoegankelijke zolder om recente en minder recente nummers van yang tevoorschijn te halen, en vulde daarmee een vervolgens natuurlijk totaal ontilbaar geworden reiskoffer. Die had wieltjes, maar weer niet van dien aard dat ik daarmee gemakkelijk over het Gents plaveisel rijden kon (al moeten die wielen nog uitgevonden worden: die waarmee je wél makkelijk over Gents plaveisel rijdt). Het in en uit de auto tillen van het gevaarte hield een zeker gezondheidsrisico in, en in de parkeergarage onder 't Zuid reed ik, allengs wanhopiger, met de koffer heen en weer, omdat ik aanvankelijk de goed verstopte lift niet vond en vreesde dat ik, geketend aan 44 jaar Gentse tijdschriftgeschiedenis, in de catacomben de avond zou moeten doorbrengen. Met het gevaarte de trap op was uitgesloten. 'Hier heb ik niet voor getekend,' mopperde ik toen ik uiteindelijk zwetend bij De Vooruit aankwam, om daar te ontdekken dat de Domzaal op de derde verdieping lag. Gelukkig was er daar een goed zichtbare lift.

    nY-02


    Er was uiteindelijk ongeveer vijftig man aanwezig, schat ik. Matthijs de Ridder was spreekstalmeester, en hij begon met het stuk dat Dirk Leyman gisteren in De Morgen over nY schreef. Ik had die dag de tijd nog niet gehad om in de krant te kijken, maar werd gebeld door iemand van de redactie die me er op wees. Ik begreep zijn verontwaardiging wel (zoals gewoonlijk in dit soort stukken stelt de journalist in kwestie dat een blad als nY voor de marge kiest, terwijl een dergelijk blad juist in en door die bewering in de eerste plaats gemarginaliseerd wórdt), maar kon niet anders dan vaststellen dat De Morgen een halve pagina aan nY had besteed. Dat is veel meer dan vooraf verwacht kon worden. Ja, dat het om 'loden ernst' zou gaan, zoals Leyman stelde, is een kwestie van projectie op basis van vooroordelen zoals je die nu eenmaal kunt verwachten. Maar voor een blad dat zijn naam onder andere ent op een scene uit Monty Python and the Holy Grail en dat aan de yang-kant, naast alle onbetwistbare sérieux (maar wat is daar toch mis mee?) ook een zekere picareske traditie heeft — voor een dergelijk blad is het pejoratief gebruikte adjectief 'loden' toch wat onheus.

    Leyman over yang.small


    Stefan.nYHoe dan ook, MdR gebruikte het artikel als opstapje naar een drietal voordrachten, door Stefan Hertmans — de eerste in de rij — treffend omschreven als 'opa vertelt'. Wat in zijn bijdrage vooral opviel, dat was dat eind jaren tachtig, toen hij in de redactie van yang zat (in een redactie die als één van de eersten weg stuurde van het pad van het 'nieuw realisme' dat sinds de oprichting in 1963 de leidraad van het tijdschrift was geweest), de bekommernissen eigenlijk dezelfde waren als die van vele redacties daarna, of het daarbij nu om de ethisch-postmodernisten van de lichting Van Bastelaere, Spinoy ging, of om het 'mimesis'-project dat eind jaren negentig door onder meer Buelens, Bultinck en Joostens op de agenda werd geplaatst. Steeds blijkt de relatie tussen literatuur en maatschappij een bepalende factor te zijn geweest — met daarmee onlosmakelijk verbonden: de weerzin tegen de autonomisering van de literatuur, die haar reduceerde tot het gevaarloos, ge-ontideologiseerd amusement dat zij nu aleen nog maar is (en waartegen nY zich in haar mission statement nog maar eens verzet). 'De strijd om het middenveld', noemde Hertmans dat gisterenavond, en het is natuurlijk ironisch te moeten vaststellen (om het niet meteen cynisch te noemen) dat de poging om met literatuur een rol te blijven spelen in het maatschappelijk debat, juist in dat middenveld telkens maar weer 'elitair' wordt genoemd. De door literatuur aangebrachte nuances, bedenkingen en wat dies meer zij, vertegenwoordigen niet De Juiste Opvatting.

    Dat maakt dat het maken van een tijdschrift zo vaak zo vergeefs lijkt te zijn. De vraag voor wie men het eigenlijk doet stelt iedere zichzelf respecterende redactie zich van tijd tot tijd — en de antwoorden kunnen variëren van 'men doet het vooral voor zichzelf' (dixit oud-redacteur Jürgen Pieters) tot 'omdat iemand het moet doen' — er met andere worden een haast existentieel te noemen gevoel bestaat van de noodzakelijkheid van het soort reflectie waarvoor literaire tijdschriften de ruimte bieden. De kranten doen dat allang niet meer. De intellectueel is uit de publieke ruimte verdreven ten gunste van het haastwerk van journalisten die de tijd niet meer krijgen om zich in wat dan ook maar te verdiepen (zie: Nick Davies, Flat Earth News) — maar wier invloed intussen immens is. Men houdt met andere woorden (vanuit een in se morele overtuiging) vast aan de noodzaak van iets waarmee 'de rest van de wereld' allang achteloos heeft afgerekend.

    Erik.nYErik Spinoy noemde dat 'doodsdrift' — en hij heeft niet eens ongelijk. Zijn bijdrage klonk wat vermoeid, vond ik, misschien omdat hij ook aandacht besteedde aan de ontstaansgeschiedenis van freespace Nieuwzuid en zo te spreken kwam over de affaires en toestandjes waarmee het maken van tijdschriften ook vaak gepaard gaat. De felheid van de discussies binnen de yang-redactie zoals ik die heb meegemaakt, de vaak ellenlange maildiscussies die daar nog bij kwamen (Bert Bultinck, iemand met wie het goed bekvechten is, refereerde daar nog aan), heb ik zelf altijd als heel vruchtbaar ervaren, maar leidden niet tot schisma's, bloeddorst, scheidingen en wat dies meer zij. Dat is in het verleden wel anders geweest, en er komt een tijd dat je daar het nut niet meer zo van inziet. En zoals Spinoy bij een eerdere gelegenheid eens tegen me zei: hij maakte nu toch al heel lang tijdschriften, en, zoals hij dan gisterenavond weer zei: dat gaat niet zelden ten koste van je eigen werk.

    Bert B. refereerde in zijn bijdrage aan de periode waarin aanvankelijk nog Jürgen Pieters, een korte tijd Jeroen Overstijns, daarna Geert Buelens (over wie hij verder niets ging zeggen: die kreeg tegenwoordig al prijzen genoeg, grijnsde hij), Inge Arteel, Piet Joostens, hijzelf en wat later: Daniël Rovers, Sascha Bru en ik van de redactie deel uitmaakten. Het 'mimesis'-idee zoals dat binnen het toenmalige yang ontstond, bleek wonderwel aan te sluiten bij wat ik in de essaybundel De inwijkeling aan de orde had proberen te stellen, al was de werkelijke reden voor mijn toetreding van meer huishoudelijke aard: de toenmalige redactiesecretaris Tom Van de Voorde had vrij onverwacht aangekondigd er mee op te willen houden. Ik bood mijzelf aan. En belandde vervolgens ook in de redactie.

    Na B. las eerst Jeroen Theunissen voor uit zijn volgende week zaterdag te verschijnen bundel Het zit zo, en daarna was het woord aan Piet Joostens, die de 'mission statement' van nY voorlas — en na alles wat er gezegd was, kwam in dat statement de nadruk als vanzelf te liggen op de continuïteit. Als was het steeds meer van hetzelfde. Toch is dat niet zo. Wat de verschillende redacties uit de afgelopen 20 jaar van elkaar scheidt, is de samenstelling ervan, de persoonlijke inzet van een Stefan Hertmans, een Hans Vandevoorde, een Jürgen Pieters, een Geert Buelens of Bert Bultinck en de daaruit voortkomende dynamiek: de tegenstellingen, de overeenstemming, de energie. Ik denk dat de verjonging die nu in de redactie is ingezet, met Joostens als overgangsfiguur, uiteindelijk weer tot nieuwe vergezichten zal leiden — zelfs al zou men over twintig jaar vaststellen dat er ook in die periode steeds om hetzelfde gestreden is.

    Waarna ik mijn hutkoffer weer kon inpakken, iets lichter geworden nu, zij het dat de afname in gewicht teniet werd gedaan door de vanwege alcoholgebruik ingetreden spierverslapping. Men wordt uiteindelijk voor alles te oud, voor de redactie, voor het secretariaat. Misschien ook omdat men in het steeds maar weer willen verleggen en vervolgens ook verleggen van grenzen op een zeker moment op de grens stuit die men niet meer over wil (of kan) gaan?

    nY-04